Deze website maakt gebruik van verschillende soorten cookies. U kunt hier meer over lezen in onze Cookieverklaring. U kunt uw cookievoorkeuren aangeven via de knop "Instellingen aanpassen".

Amerikaans Imperialisme

Lili Dujourie


1972

In 1972 ontwikkelde Lili Dujourie Amerikaans Imperialisme, een werk dat op basis van instructies van de kunstenaar op verschillende manieren kan worden uitgevoerd. Het bestaat altijd uit twee componenten: een monochroom geschilderde muur en een of meerdere staalplaten, soms geschilderd, die tegen de muur leunen of op de grond liggen. Dankzij de wisselwerking tussen formele kwaliteiten en titel, worden bezoekers op zowel intellectueel als zintuiglijk niveau betrokken.

Wanneer je recht voor Amerikaans Imperialisme staat, is het te ervaren als schilderkunst, terwijl het verandert in beeldhouwkunst wanneer je eromheen beweegt. Dan pas namelijk is de kern van het werk zichtbaar: de leegte achter de staalplaat. Dankzij de titel wordt naast een esthetische lezing ook tot een politieke interpretatie aangemoedigd. Kijkend naar de formele kwaliteiten van Amerikaans Imperialisme vertoont het werk veel overeenkomsten met Minimal Art, een nog altijd dominante Amerikaanse kunststroming met vrijwel uitsluitend mannelijke kunstenaars. In de titel resoneert kritiek hierop, alsmede op de Amerikaanse buitenlandse politiek van dat moment en dan met name de imperiale ondernemingen in Zuid-Oost Azië en Zuid-Amerika.

Dujourie eigent zich de formele eigenschappen toe van hetgeen ze bekritiseert en moedigt met Amerikaans Imperialisme aan om op verschillende manieren naar een object te kijken waarvan delen onzichtbaar zijn. Ze toont dat onzichtbaarheid niet betekent dat iets er niet is.

Serie

Vleeshal is niet alleen een bijzonder centrum voor hedendaagse kunst dankzij haar atypische tentoonstellingsruimte en verrassende programmering, maar ook omdat zij een collectie heeft - een unicum. In de jaren 1990 werd onder impuls van toenmalig directeur Lex ter Braak aan een ambitieuze collectie van hedendaagse beeldende kunst begonnen. Deze collectie was bestemd voor een nieuw voorzien museum in Middelburg, ontworpen door Aldo en Hannie van Eyck. In 1995 werd duidelijk dat er helaas onvoldoende politiek draagvlak was voor dit museum. De aanzet van collectievorming had daardoor zijn mogelijke context en zichtbaarheid verloren en bezwaarde Vleeshal. De collectie was een opslagkost en beheersvraagstuk geworden.

De collectie werd in 2005 in langdurige bruikleen aan het M HKA in Antwerpen gegeven. De keuze viel op M HKA vanwege de nauwe historische banden tussen Middelburg en Antwerpen, het collectieprofiel van het museum en het feit dat directeur van M HKA, Bart De Baere, lid was van de commissie die in de jaren 1990 kunstwerken voor het nog te bouwen Middelburgse museum aankocht.

De collectie bestaat uit twee delen. Het ene deel omvat landelijke en lokale kunst uit de BKR-regeling (de afkorting BKR staat voor Beeldende Kunstenaars Regeling, een regeling, die van 1949 tot 1987 kunstenaars een tijdelijk inkomen bood in ruil voor kunstwerken of andere artistieke tegenprestaties). Het andere deel bestaat uit kunstwerken van internationale hedendaagse kunstenaars (o.a. Jimmie Durham, Nedko Solakov, Suchan Kinoshita, Cameron Jamie, Pipilotti Rist en Job Koelewijn).

Er is al jaren geen actief aankoopbeleid meer. De collectie wordt hier en daar uitgebreid met sporadische aankopen en schenkingen van kunstenaars die deel uitmaken van het Vleeshal-programma.